OPF en PBN vervallen

Per 31 december voldoet de OPF (organic plant feed) en PBN (plant based nitro) niet meer aan de criteria van de Europese inputlijst. Dit houdt in dat deze meststoffen vanaf 1 januari niet meer mogen worden aangekocht. Er geldt wel een opgebruiktermijn van 1 jaar. De criteria van de inputlijst worden opgesteld door de FIBL. De verandering in de criteria heeft betrekking op het aandeel direct opneembare stikstof in meststoffen van plantaardige oorsprong. Overigens geldt een uitzondering voor digestaat en vloeibare vinasse. De FIBL stelt dat het percentage direct opneembare stikstof te hoog is voor de biologische landbouw. PBN is niet meer verkrijgbaar en zal ook niet meer beschikbaar komen. OPF is dit najaar nog wel verkrijgbaar, maar de prijs is fors hoger. PHC en meststoffenleveranciers zijn inmiddels gestart met een campagne om OPF aan te kopen op voorraad. Let op: De berekeningen ten aanzien van de biologische regelgeving hebben betrekking op het kalenderjaar. Dat betekent dat de A en B meststoffenberekening over het kalenderjaar wel moet kloppen. Ditzelfde geldt voor de regels van Demeter: totaal maximaal 112 kg N/ ha en maar max 20 kg N/ ha uit categorie 3 meststoffen. Misschien is het mogelijk bij Skal of stichting Demeter een éénmalige ontheffing te krijgen om een voorraad aan te leggen. De Nederlandse mestwetgeving biedt sowieso ruimte om meststoffen op voorraad te hebben.

Natuurlijk zijn er alternatieven voor OPF maar deze zijn niet altijd zo breed inzetbaar. Demeterbedrijven mogen geen meststoffen gebruiken met dierlijke eiwitten. En meststoffen op basis van dierlijke eiwitten zijn een risico voor sommige teelten omdat ze sterk bonenvlieg aantrekken. Puur plantaardige alternatieve meststoffen zijn bijvoorbeeld monterra malt en bioflora. Deze meststoffen bevatten wel een lager percentage mineralen en deze werken trager. Ook zijn de meststoffen een stuk duurder en mogelijk niet voldoende beschikbaar.

Bemestingsstrategie

De biologische mestmarkt is de laatste jaren flink in beweging. Naast de vervallen toelating van OPF en PBN zijn ook andere mestsoorten lastiger verkrijgbaar en duurder. Het is ook reëel dat regelgeving omtrent het gebruik van biologische mest wordt aangescherpt. Het kan verstandig zijn om de bemestingsstrategie nog eens onder de loep te nemen. Door duidelijke keuzes te maken en bijvoorbeeld te investeren in een mestopslag en/of uitrijtechniek ontstaan vaak vanzelf voordelen op verschillende vlakken (kosten, teeltvoordelen, beschikbaarheid e.d.). Overweeg bijvoorbeeld ook:

  • Is de aanvoer van de gewenste meststoffen voldoende zeker? Zo nee, wat is nodig om tot betere afspraken te komen? Helpt het om mest in een andere periode aan te voeren? Is er iets mogelijk met een koppelproduct (voer, stro oid)?
  • Kan de mest efficiënt en effectief worden aangewend? Welke verbeteringen in aanwending of logistiek zijn mogelijk?
  • Kunnen gewassen naar wens en behoefte bemest worden? Zo nee, dan is een kritische overweging van rotatie, bouwplan en gebruikte meststoffen zeker zinvol.

Oogst bewaarpeen

Vorig jaar waren er veel problemen met de kwaliteit van peen. Zeker in een moeilijke markt is kwaliteit later in het bewaarseizoen erg belangrijk. Zwarte vlekken is dan één van de grootste problemen. Er is nog veel onbekend over zwarte vlekken maar duidelijk is wel dat overrijpheid en mechanische beschadiging de problemen vergroten. Veel peen is rijp, als de omstandigheden nu goed zijn en de temperatuur laag genoeg: wacht niet op de laatste kilo’s en benut goede rooiomstandigheden. De grond is mooi vochtig en de temperatuur gaat naar beneden. Beperk met hogere producttemperaturen later op de middag desnoods de rooiuren. Zie ook dit bericht van vorig jaar.

Bionalan Selac onkruidmaaier

De Franse fabrikant Bionalan heeft een onkruidmaaier ontwikkeld die boven een gewas kan uitmaaien. Onkruid als distels, grote melden en andere onkruiden (en ook duist, wilde haver, schieters) die boven een gewas uitsteken kunnen worden weggemaaid. Het onkruid valt tegen een bord en wordt vervolgens door roterend messen afgesneden. Mijn eerste indruk van de werking was goed. De machine lijkt robuust en ook stabiel. De machine kan wat grotere onkruiden aan dan bijvoorbeeld de combcut. De machine is leverbaar in werkbreedtes van 4,4m tot wel 13,20m. De machine van 6,60m weegt ca 700 kg en kost ca € 14.000. De importeur voor Nederland en België is Agribiosolutions (Heerema Agri-Service).

Wintergraan

De teelt van wintergraan lijkt wat aantrekkelijker dan andere jaren. Bij hoge energieprijzen stijgen graanprijzen meestal mee. Daarnaast is er meer behoefte aan biologisch stro en is de prijs van stro de laatste jaren hoog. Er is veel ruwvoer gewonnen waardoor de afzet van grasklaver wat onder druk staat. Op goede gronden worden vaak opbrengsten gehaald van boven de 6 ton gemiddeld. Dit houdt in dat een graansaldo mogelijk wel tot boven de € 2000/ ha kan komen. Dat is voor een rustgewas niet slecht. Ten opzichte van schadelijke insecten is graan vaak gunstiger dan grasklaver of luzerne. Graan vermeerderd minder wortelduizendpoot, springstaarten en emelten dan grasklaver of luzerne. In graan kunnen de meeste wortelonkruiden wel sterk uitbreiden. Zaadonkruid is met voldoende wiedeggen meestal redelijk goed beheersbaar. Kies een graansoort die past bij het bedrijf. Op goede kleigronden met niet teveel onkruid is een baktarwe haalbaar. Ook spelt en wintergerst is hier een prima optie. Op lichte gronden is een wintergerst, triticale en spelt mogelijk. De vroege oogst van wintergerst en winterrogge biedt de mogelijkheid voor een periode braak of vroege zaai van een groenbemesters of voedergewas. Dat scheelt ten opzichte van wintertarwe vaak een snede grasklaver. Wintergraan heeft een hoge N behoefte, zeker (bak)tarwe en in mindere mate wintergerst en triticale. Spelt en rogge hebben de laagste N behoefte. Meest onkruidonderdrukkend zijn wintergerst, rogge en spelt. Hieronder nog een aantal aandachtpunten bij de eerste fase van de teelt:

  • Zaaien in oktober is voor alle graansoorten gunstig. Vroege zaai kan voor onkruid wel ongunstig zijn. Probeer na zaai een keer te wiedeggen vóór opkomst. Zaai kan ook prima in november en zelfs december. De onkruiddruk is dan lager maar de opbrengst vaak ook. In de biologische teelt kan klein gewas minder profiteren van mineralisatie en bovendien is er minder draagkracht voor een vroege bemesting;
  • Zaaien op “schoffelafstand” is mijns inziens altijd verstandig. Het schoffelen is een grote zekerheid in de onkruidbestrijding. De opbrengstreductie van 5-10% lijkt mij acceptabel. Zeker bij klaveronderzaai is zaaien op schoffelafstand een grotere zekerheid dat de onderzaai lukt;
  • Bij een hoge slakkendruk is het aan te raden slakkenkorrels mee te zaaien. Volg goed of er schade is bij en na opkomst. Slakken kunnen zeer veel schade veroorzaken;
  • Houdt “normale” zaaizaadhoeveelheden aan en verhoog deze slechts beperkt. Een te dikke stand is niet gunstig voor opbrengst en ziektedruk;
  • Graan bemesten naar behoefte is vrijwel nooit mogelijk, probeer wel zover mogelijk te komen. Belangrijkste is dat er in het vroege voorjaar wat stikstof beschikbaar is. Een (kleine) gift vaste mest vóór zaai of een bemesting vroeg (febr/ maart) met bijvoorbeeld korrels of vinasse is gunstig.

Omschakelcursus

Biologisch netwerk zal ism BDEKO deze winter 2 omschakelcursussen organiseren. De eerste start op 18 november maar deze zit al vol. De tweede cursus start op 20 januari, hier is nog ruimte. Het zijn 5 dagen, steeds in Flevoland.  Zie hier voor meer informatie.